Deel 1 van 4 — reeks over de monitor Arbo in Bedrijf 2024-2025 van de Nederlandse Arbeidsinspectie
Je werkt met gevaarlijke stoffen. Misschien een handvol, misschien honderden. Je hebt veiligheidsinformatiebladen in een map, er staat iets over in de RI&E, en als er morgen een inspecteur voor de deur staat, heb je een verhaal. De vraag is alleen: klopt dat verhaal ook?
Voor de meeste bedrijven in Nederland is het antwoord: niet helemaal. Dat blijkt uit de monitor Arbo in Bedrijf 2024-2025, waarvoor inspecteurs van de Nederlandse Arbeidsinspectie ruim 2.000 bedrijven bezochten. Geen risicogestuurde controles, maar een dwarsdoorsnede van álle Nederlandse bedrijven. En van alle onderzochte arbeidsrisico’s komt er één naar voren als het slechtst beheerste: werken met gevaarlijke stoffen.
Wat de cijfers laten zien
26% van de bedrijven in Nederland werkt met één of meer gevaarlijke stoffen. Bij 45% van die bedrijven worden geen of onvoldoende maatregelen genomen om het risico te beheersen. Dat is het hoogste percentage van alle onderzochte risico’s, en het is sinds de vorige meting nauwelijks veranderd.
Het pijnlijke zit niet in dat ene getal, maar in wat eronder ligt. Bij de bedrijven die met gevaarlijke stoffen werken:
- heeft 65% geen overzicht van de stoffen waaraan medewerkers blootgesteld kunnen worden;
- heeft 81% van de bedrijven die met CMR-stoffen werken geen registratie van wie er blootgesteld kan worden;
- is bij 83% de aard, mate en duur van de blootstelling niet beoordeeld;
- biedt 78% geen periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO) aan.
De basis ontbreekt dus. En zoals de inspecteur-generaal het in zijn voorwoord stelt: zonder inzicht kun je ook niet handelen.
Waarom dit ertoe doet
Blootstelling aan gevaarlijke stoffen is verantwoordelijk voor een groot deel van de werkgerelateerde gezondheidsschade in Nederland. Het verraderlijke is dat die schade vaak pas jaren later zichtbaar wordt — lang nadat iemand met benzeen, lasrook of dieselmotoremissie heeft gewerkt. Een verkeerde beoordeling vandaag merk je niet morgen. Je medewerker merkt het over vijftien jaar.
Daarmee is dit geen administratief vraagstuk. Het gaat erom dat de mensen die voor jou werken, gezond hun pensioen halen. De registratie, de beoordeling, het PAGO: dat zijn geen vinkjes voor de inspectie, het zijn de stappen die ervoor zorgen dat je weet wáár het misgaat voordat het misgaat.
Het probleem is meestal geen onwil
Hier zit de bevinding die de hele monitor in een ander licht zet. Van alle werkgevers die de regels niet naleven, wordt ruim driekwart getypeerd als niet-weter: ze kennen de wet- en regelgeving niet goed en zijn zich niet bewust van een overtreding. Slechts een klein deel wil bewust niet voldoen.
Met andere woorden: de meeste werkgevers willen hun mensen beschermen. Ze weten alleen niet precies hoe, of ze missen de structuur om het overzichtelijk en actueel te houden.
Goede bedoelingen zijn alleen geen veiligheidsbeleid. Een map met veiligheidsinformatiebladen ook niet. Pas als je weet wélke stoffen er zijn, wie eraan blootstaat en in welke mate, kun je sturen op gezond werk.
Hoe Toxic helpt
Toxic is gebouwd om precies dat gat te dichten: van een verzameling losse documenten naar grip op je chemische veiligheid. Geen vinkjeslijst, maar één plek waar je registreert welke stoffen er zijn, beoordeelt aan welke blootstelling je medewerkers blootstaan, en de maatregelen vastlegt die daarbij horen.
In de rest van deze reeks lopen we de drie stappen langs waar het in de praktijk misgaat — het overzicht, de blootstellingsbeoordeling en de maatregelen — en laten we zien hoe je ze wél op orde krijgt.
Volgende in de reeks: 65% heeft geen overzicht van de gevaarlijke stoffen waarmee gewerkt wordt. En dat is waar het misgaat.
Wil je weten hoe jouw bedrijf ervoor staat? Doe de risicoscan chemische veiligheid en je weet binnen een paar minuten waar je de basis op orde hebt en waar nog niet.