Ook zonder etiket of leverancier gelden voor stoffen zonder eigenaar dezelfde wettelijke verplichtingen. Lees in dit derde deel hoe de Arbowet, het Arbeidsomstandighedenbesluit en de arbeidshygiënische strategie richting geven aan verantwoord omgaan met procesgebonden stoffen.

26 november 2025

Artikelreeks: Stoffen zonder eigenaar Deel 3 – Wetgeving en strategie: verantwoord omgaan met stoffen zonder eigenaar 

In de vorige delen bespraken we wat stoffen zonder eigenaar zijn en waar ze ontstaan. Dit derde deel gaat over de wettelijke verplichtingen: wat moet je doen volgens de Arbowet en hoe pas je de arbeidshygiënische strategie toe in de praktijk? 

Arbowetgeving 

In het Arbobesluit staat dat blootstelling bij de bron moet worden voorkomen en dat het gevaarlijke proces waar mogelijk door veiligere alternatieven. Is dat niet mogelijk dan moet je in gevallen waarin arbeid wordt verricht waarbij medewerkers worden blootgesteld aan stoffen die vrijkomen bij kankerverwekkende processen een nadere RI&E opstellen waarin je onder andere moet aangeven waarom vervanging niet mogelijk is. Ook moet je een blootstellingsregistratie bijhouden voor alle werknemers die met CMR-stoffen/processen werken. 

De arbeidshygiënische strategie 

De Arbowet verplicht werkgevers om gevaarlijke stoffen te voorkomen of te beheersen volgens de arbeidshygiënische strategie: 

  • Eliminatie: voorkom dat de stof ontstaat (bijvoorbeeld door een ander proces). 
  • Collectieve maatregelen: afzuiging of ventilatie. 
  • Organisatorische maatregelen: taakroulatie of blootstellingsduur beperken. 
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen: adembescherming of kleding, alleen als laatste stap. 

Wettelijke basis 

De aandacht van de Arbeidsinspectie verschuift steeds meer van producten naar processen op de werkvloer. Niet alleen de stoffen die je inkoopt zijn belangrijk, maar ook de stoffen die tijdens werkzaamheden ontstaan. Bedrijven moeten dus kunnen aantonen dat ze deze ‘onbedoeld gevormde stoffen’ herkennen, beoordelen en beheersen. 

 Tijdens inspecties vraagt de Arbeidsinspectie bijvoorbeeld naar: 

  • een volledig overzicht van alle gevaarlijke stoffen, inclusief procesgebonden emissies zoals lasrook of kwartsstof; 
  • de onderbouwing van blootstellingsbeoordelingen; 
  • de toegepaste maatregelen volgens de arbeidshygiënische strategie; 
  • en het bewijs dat het beleid periodiek wordt geëvalueerd. 

Wie dat goed op orde heeft, toont aan dat chemische veiligheid structureel is ingebed in de organisatie. Bedrijven die daarentegen geen overzicht kunnen laten zien, lopen risico op waarschuwingen of boetes – maar vooral op verlies van grip. Een systematische aanpak biedt dus niet alleen juridische zekerheid, maar ook rust en continuïteit in het werk. 

Integratie in beleid 

Voor veel organisaties is dit hét moment om het stoffenbeleid te herzien. Stoffen zonder eigenaar horen daar expliciet in thuis, ook al komen ze niet van een leverancier en hebben ze geen veiligheidsinformatieblad. Begin met het actualiseren van je stoffenregister: voeg ook procesgebonden stoffen toe, zoals lasrook, houtstof of dieselmotoremissie. Breng vervolgens per werkplek of taak in kaart waar blootstelling kan optreden. Gebruik werkplekscenario’s om risico’s te beschrijven en de juiste maatregelen te koppelen aan specifieke werkzaamheden. Zo ontstaat een praktisch en compleet beeld van alle blootstellingen binnen het bedrijf — niet alleen van de producten die je gebruikt, maar ook van de stoffen die tijdens het werk ontstaan. Dat maakt het beleid realistischer, beter uitvoerbaar en makkelijker te onderbouwen bij inspecties of audits. 

Lees ook deel 2 over de vijf processen waar stoffen zonder eigenaar ontstaan. 
Volgende week: van inzicht naar borging – grenswaarden en praktische toepassing. 

Deel op social media:

Poster gevaarlijke stoffen

Vernieuwd: poster 'Veilig werken met gevaarlijke stoffen' (2026)

Misschien ook interessant voor jou.

Blijf als veiligheidsprofessional op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.